Afdrukken

 

Wie is er bang van confederalisme?

Nu de NVA zijn visie op een meer confederale versie van de Belgische natiestaat publiek heeft gemaakt, regent het commentaren die ons moeten waarschuwen voor allerlei onheil dat dit zou meebrengen. Vreemd, het lijkt erop dat de schrijvers van die commentaren wereldvreemd zijn. Vooreerst is het duidelijk dat de gecentraliseerde natiestaat wereldwijd zijn beste tijd heeft gehad. Het is een structuur die niet langer nodig is. Ze kan zelfs gezien worden als de motor van veel leed en onheil in de laatste 200 jaar. Ze staat ook haaks op de moderne wereld waarbij mobiliteit en internet toelaten dat iedereen zijn geluk en welvaart kan nastreven onafhankelijk van waar dat gebeurt. Wij zijn moderne nomaden. De wereld economie is zodanig verspreid en wereldwijd verstrengeld dat de plaats waar de welvaart creatie gebeurt ondergeschikt is geworden.

Ook de nationaliteit is van langsom minder relevant. Mensen werken samen omwille van hun kennis en kunnen, niet omwille van de afkomst of taal die men spreekt. Veelal is de taal nu een neo-Engels, zoals in de Renaissance Latijn de taal van de wetenschap was. In die zin is het idee van de NVA om de Brusselaars (en dat zijn wat meer nationaliteiten dan Walen en Vlamingen tezamen) individueel te laten kiezen voor welk regime ze kiezen niet zo wereldschokkend. In de sociale netwerken van het internet gebeurt dit elke minuut. En met informatica kan dat uitgebreid worden naar elke vorm van dienstverlening, verstrekt door de overheid of verstrekt door een private onderneming. De vraag dient eerder gesteld waarom men niet verder gaat en consequent die keuze geeft aan alle Vlamingen en Walen. In een confederaal België is er ook plaats voor een confederaal Vlaanderen en Wallonïe want zo homogeen zijn die twee regio’s ook niet.

Ten tweede, er zijn voorbeelden genoeg dat een confederaal model beter werkt en veel spanningen kan wegnemen waardoor samenwerking tussen mensen en regio’s terug mogelijk wordt wanneer iedereen er beter van wordt. Het grote voorbeeld is Zwitserland, een meta-democratie van 26 deelstaten, elk met hun eigen grondwet. Zoals deze blog al herhaaldelijk aangetoond heeft, de burger krijgt er meer waar voor geld omdat hij dichter bij de beslissingen staat. De splitsing van Tsjecho-Slovakije heeft dat land ook geen wind eieren gelegd. Het heeft zelfs België ingehaald wat bv. de auto productie betreft. 

In een echte democratie liggen de beslissingen, na rijp beraad en referendum, zo dicht mogelijk bij de burger. Hij delegeert naar boven maar ook daar zijn het mensen die met mekaar onderhandelen. Dit in tegenstelling tot onze partijpolitieke en belangengroepen democratie waarbij de burger eigenlijk buiten spel staat. 

De vraag is dan ook waarom er zovelen op de bres springen om het levenseinde van de verzuipende natiestaat te rekken? De redenen die ze aanhalen houden ook dikwijls geen steek. Nemen we een voorbeeld, de opsplitsing van de Spoorwegen. Men kan aanvoeren dat de opsplitsing van de spoorwegen nergens echt een succes is geworden. De redenen liggen evenwel niet bij de opsplitsing maar bij het feit dat de controle en het management de facto bij de overheid zijn gebleven. Dat kan ook moeilijk anders als de Spoorwegen voor 80% nog steeds door die overheid gesubsidieerd worden. Nochtans, in Tokyo bv. verzorgen een 5tal private firma’s het metro netwerk. De treinen rijden er op tijd en snel en één enkel ticket volstaat (betaalbaar op de koop toe). Men kan dan gaan zoeken naar het manke management (ook niet moeilijk, elke nieuwe CEO die wat orde op zaken probeert te stellen wordt binnen de kortste keren weggepest). Men zou kunnen zeggen dat het materieel te oud is geworden. Maar zelfs in de ex-sovjet republieken rijden de treinen, veelal veel ouder dan de Belgische, op tijd. Waar zit dan de echte oorzaak?

Dit brengt ons bij de vraag wie er echt belang heeft om de natiestaat te behouden en dus via de media probeert de schrik erin te zetten dat een confederale staatsbestel ons zal kosten? Toegegeven, het zal een tijdje duren vooraleer we het Zwitserse niveau zullen bereiken. Er is meer aan de hand. Het Zwitserse democratisch model heeft wortels die al 800 jaar meegaan. Een splitsing zonder meer in een Vlaamse en een Waalse puinhoop gaat dan ook niet direct tot verandering leiden. 

Maar diegenen die dan beweren dat België als natie enkel nog een lege doos zal zijn die op Europees niveau niet maar zal meetellen, gaat veel te kort door de bocht. Zwitserland is toch ook geen lege doos en speelt internationaal een belangrijke rol. Komt daarbij dat het voor de buitenwereld geen verschil zou mogen uitmaken hoe België als land intern georganiseerd is. Er zijn nog landen waarbij deelstaten een behoorlijke autonomie hebben (denk maar aan Spanje en Duitsland). Het komt erop aan die bevoegdheden waarbij het land als geheel mee naar buiten moet treden op dat niveau in te stellen. Europese politiek is zo'n domein (na beraadslaging met de confederale deelstaten) maar voor economische en sociale politiek hoeft dat niet zo te zijn. Integendeel, een confederale opdeling kan juist de samenwerking bevorderen omdat dan elk meer voor zijn eigen verantwoordelijkheid moet opkomen.

Een opdelen zal evenwel een paar zaken duidelijk kunnen maken. Een reorganisatie brengt steevast de rotte plekken aan het licht. Behalve het legertje ambtenaren (een derde van de werkende bevolking) zijn er ook heel wat nutsbedrijven die als aanhangsels van de overheid functioneren. Zo is er bv. Belgacom die jaarlijks zo’n 150 miljoen aan dividenden oplevert en een veelvoud ervan in de vorm van BTW, loonbelasting en andere bijdragen. Hetzelfde geldt voor andere sectoren zoals energie, bank en verzekeringswezen. De facto is er nauwelijks sprake van concurrentie tussen al die bedrijven (het volstaat hiervoor de gebruikerskost te vergelijken met bet buitenland). Zoals de Fortis en Dexia affaires duidelijk hebben gemaakt, er is ook een onwelriekende verwevenheid tussen overheid, vakbonden en zelfs de grote financiële groepen. In corporatistisch concordaat, maar dan veelal binnenkamers, bedienen ze zich. De overheid leent erop los, de burger betaalt belastingen en betaalt een te hoge prijs zelfs als het consumptie betreft. Er is ooit een tijd geweest dat die instellingen welvaart bevorderend waren. Ze waren ooit goedbedoelde motoren van een nieuwe dynamiek en welvaart. Maar zoals zo dikwijls gebeurt, na verloop van tijd worden degelijke instellingen hun eigen doel. Wie met de vinger in de pot honing zit, likt eraan en dat werkt verslavend. Geen wonder dus, dat er sterke krachten aan het werk zijn om het status quo te behouden. Tijd voor Schumpeter’s creative destruction.

De vraag is dan ook of de verontwaardiging bij de meerderheid van de burgers al sterk genoeg is om de stap naar de zuivering te nemen. Er zijn heel wat mensen die nu met de vinger in de honig zitten. Het is erg moedig van de NVA van de verandering na te streven binnen het bestaande bestel. De geschiedenis leert dat de inertie dikwijls maar te stoppen valt door een catastrofale gebeurtenis. In een gedecentraliseerde democratie zoals Zwitserland stelt die vraag zich nauwelijks omdat de discussie er permanent gevoerd wordt. En daarom alleen al zou de stap naar een confederaal staatsbestel een goede stap zijn. 

Eric Verhulst, voorzitter WorkForAll.org

Zwitsers Confederaal model: een succesformule

Het zijn niet zozeer de koekoeksklokken, de chocolade en de hagelwitte skipistes die de Zwitsers tot de rijkste burgers van Europa hebben gemaakt. Het is het Zwitsers confederaal model (met belastingconcurrentie) dat die prestatie voor een groot deel op haar actief mag schrijven. Zeker… ook de “directe democratie” (referenda) heeft haar steentje bijgedragen. En rijk zijn ze, die Zwitsers. De maatstaf die voor het meten van rijkdom gebruikt wordt is het bruto binnenlands product (bbp),  dat is de waarde van al wat gedurende een jaar wordt geproduceerd. Dit bedroeg per hoofd van de bevolking op het einde van 2012 voor Zwitserland : 78.881 $. Vergelijk met ons land : 43.651 $ (Bron : IMF). 

Vooral belastingconcurrentie heeft dit klaargespeeld. In het Zwitsers confederaal model heeft elk kanton (er zijn 26 kantons) een eigen grondwet en elk kanton bepaalt de hoogte van de personenbelasting en de vennootschapsbelasting. Die tarieven kunnen dus voor elk kanton verschillen.  (Daarnaast is er nog een zeer lage federale belasting. Dit model heeft geleid tot een weldoende belastingconcurrentie tussen de kantons, waardoor de tarieven laag bleven. Kantons die het aandurfden hoge belastingtarieven in te voeren, zagen hun bedrijven en burgers wegvluchten naar een fiscaal vriendelijkere buur. De totale maximum belastingvoet (federaal + kantonaal) varieert tussen 20 % en 40 %. De totale fiscale en parafiscale druk  beloopt slechts 30% van het bbp. Vergelijk met ons land 51 %.  Zuinig overheidsbeheer en een zeer efficiënte werking zijn het gevolg. Overheidsverspilling wordt door de lage belastingtarieven onmogelijk gemaakt. Verder is een groot deel van de beslissingsmacht in handen gelegd van het volk via referanda. De macht ligt niet bij de  politici, maar bij het volk. Een paradijs om daar te wonen en te werken, en werken doen ze dan ook, die Zwitsers. Hun werkloosheid schommelt rond de 3 % . En hoe zit het met de overheidsschuld? Is die niet torenhoog met die lage belastingtarieven? 

Integendeel, hun overheidsschuld bedraagt slechts  42 % van het bbp (in ons land 100 %) en de begroting is nagenoeg in evenwicht. En alhoewel de Zwitsers weinig belasting betalen, krijgen ze toch van de overheid veel in de plaats : een uitstekend onderwijs, een prima wegennet, een kwalitatief hoogstaand openbaar vervoer, veilige en nette steden en een sociale zekerheid om “u” tegen te zeggen. En dit alles dankzij:

- Een confederaal model, dat belastingconcurrentie mogelijk maakt

- Directe democratie  (referenda)

- Een beperkte , maar uiterst efficiënte overheid.

Tenslotte : Zwitserland is een klein land met slechts 8 miljoen inwoners. “Small is beautiful....”. Waar hebben we dit nog gehoord? Vlaanderen en Wallonië:  hallo, waar blijven jullie? Willy De Wit, medewerker www.workforall.org