Zij hebben het gezegd – politici over democratie

Afdrukken

Over democratie in België

 

“Een heel klein groepje met drie, vier partijvoorzitters bestuurt het land. Daarachter loopt dan een ganse schare van alibi-verkozenen en alibi-aanwezigen.” – Herman de Croo, ex-Kamervoorzitter, Minister van Staat, De Morgen, 20 december 2003

 

“België zou een referendum kunnen houden als we in een normaal land wonen. Maar we wonen niet in een normaal land. Wat zouden we gaan doen als Vlaanderen voor stemt en Wallonië tegen?" - Leo Tindemans, oud-premier van België (CD&V), Gazet van Antwerpen, 3 juni 2005

 

 

“Dat we in een democratie leven is een illusie. We leven in een particratie.” - Marc Verwilghen, VLD-Kamerlid, De Standaard Magazine, 29 aug. 1997

 

“Op termijn is er geen ander beleid mogelijk als we niet eerst of minstens tegelijkertijd diepgaande hervormingen doorvoeren in onze politieke instellingen. Ik weet dat sommigen deze stelling betwisten. Zij stellen dat de inhoud van de democratische spelregels of de wijze van organisatie van het politiek bestel slechts een ondergeschikt, haast futiel probleem vormt. Het is niet de wijze waarop het Parlement wordt verkozen of de invoering van het referendum of het afschaffen van de stemplicht die bepalend zijn voor het soort beleid dat je krijgt, zo luidt het. De inhoud van het beleid, daar draait alles om. En welke inhoud of welke kwaliteit dat beleid heeft, staat los van de wijze waarop het tot stand is gekomen. Welnu, ik zou deze stelling met klem willen tegenspreken (…). Debat over de spelregels van ons politiek stelsel is geen ijle, inhoudsloze tijdverspillerij, maar een essentiële, voor de kwaliteit van de genomen beslissingen bepalende discussie. Die spelregels duiden immers aan, wie het voor het zeggen krijgt en meer nog welke middelen hem daarbij ter hand worden gesteld. Onrechtstreeks zou je haast kunnen zeggen, dat het juist de spelregels zijn die de inhoud, de kwaliteit van het beleid bepalen. In elk geval moet het uitgangspunt van deze politieke hervormingen zijn dat de macht van de burger op het besluitvormingsproces vergroot. (...) Door het invoeren van bindende referenda op alle niveaus krijgen de mensen een rechtstreekse stem in het beleid en tevens het laatste woord.” - Guy verhofstadt, toenmalig VLD-leider en oppositieleider, uit een toespraak voor de Kamer voor Handel en Nijverheidin Kortrijk op 7 oktober 1997

 

“België is een particratie. En of we het nu graag horen of niet, ook wij zijn daar onderdeel van.” - Guy Verhofstadt, VLD-studiedag De burger beslist, Tongeren, 7 februari 1998

 “Onze schijndemocratie moet omgevormd worden tot een echte democratie, een burgerdemocratie, waarbij de mensen het eerste en laatste woord krijgen over de manier waarop hun samenleving ingericht wordt.” – Guy Verhofstadt, VLD-congres Fundamenten voor verandering, Gent, 26 april 1998

 

“Natuurlijk is België een democratie.” – Guy Verhofstadt, nadat hij premier van België werd, in zijn boekje “De vierde golf” (Antwerpen 2002), p. 31

 

Over de Europese Unie

 

“Ik denk dat de meeste mensen Europa nooit begrepen hebben. Dat is ook logisch, want Europa is grotendeels achter gesloten deuren tot stand gekomen. Door een generatie overtuigde Europeanen die dacht: als we dit te openlijk spelen, gaan we de mensen niet meekrijgen.” – Karel de Gucht (Open VLD), Europees Commissaris voor handel, De Standaard, 20-21 augustus 2011

 

“Als de EU zich bij zich ons [de Europese Commissie] als lidstaat zou aanmelden, dan moesten we haar afwijzen vanwege haar gebrek aan democratie.” – Günter Verheugen, oud-Europees Commissaris voor uitbreiding, geciteerd in A. Oldag & H.M. Tillack, “Raumschiff Brüssel” (Berlin 2003), p. 17

 

Over de besluitvorming in de EU: “Wij besluiten iets, lanceren dat en wachten dan enige tijd af wat er gebeurt. En als er dan geen geschreeuw uitbreekt en opstanden, omdat de meesten totaal niet begrijpen wat besloten werd, dan gaan we verder – stap voor stap, tot er geen weg terug meer is.” – Jean-Claude Juncker, toenmalig premier van Luxemburg en EU-vergadertijger, Der Spiegel, 27 december 1999

 

“Het probleem is dat instellingen geneigd zijn altijd meer te willen. Het Europees Parlement wil dat de EU alles doet. De Europese Commissie vertoont het normale ambtelijke instinct: meer taken betekent meer banen, meer geld en alles wat daarmee gepaard gaat. En vaak probeert een lid van de Raad van Ministers om via Brussel te bereiken wat hij thuis niet gedaan kan krijgen.” – Frits Bolkestein, toenmalig Europees Commissaris, NRC Handelsblad, 30 mei 2005

 

“Het Europees Parlement is geen parlement maar een actiegroep voor Europese eenwording. (...)  Een echt parlement zou proberen de mening van het volk te vertegenwoordigen, het Europees Parlement probeert die te beïnvloeden. De verkiezingen voor Europa zijn een wassen neus, want tenzij je SP of SGP stemt komt je stem terecht bij fracties die het activisme steunen. Er komt nu een referendum, maar men zegt erbij dat het correcte antwoord 'ja' is. ” – Ronald Plasterk, op dat moment wetenschapper en columnist, later minister van Binnenlandse Zaken van Nederland, De Volksrkant, 28 januari 2005

 

“Wij zijn hier niet slechts voor de interne markt – die interesseert me helemaal niet – maar om een politieke unie te construeren.” – Jacques Delors in 1993, voorzitter van de Europese Commissie en geestelijk vader van de interne markt, geciteerd in A. Oldag & H.M. Tillack, “Raumschiff Brüssel” (Berlijn 2003), p. 37

 

De EU is een “zachte tirannie”- Jacques Delors, oud-voorzitter Europese Commissie, geciteerd in A. Oldag & H.M. Tillack, “Raumschiff Brüssel” (Berlijn 2003), p. 35

 

“In veel opzichten is de Europese Unie veel autonomer en in haar machtsuitoefening veel directer als een nationale regering.” – Günter Verheugen, oud-Europees Commissaris voor uitbreiding, geciteerd in A. Oldag & H.M. Tillack, “Raumschiff Brüssel” (Berlijn 2003), p. 75

 

“Ja, er is een Franse maffia in de Europese Commissie. Maar er is ook een Engelse maffia. We hebben overal maffioso, maar het zijn verschillende soorten maffioso. Je hebt de homo-maffioso, de maffia van de vrijmetselaars, een Opus-Dei-maffia, een socialistische en een communistische maffia. Het gaat erom dat die zich wederzijds neutraliseren – dat was mijn doel toen ik verantwoordelijk werd voor personeelszaken.” Zaak was eerst om te weten “welke maffia’s er waren en wie bij wie hoort.” – Een anonieme directeur-generaal van de Europese Commissie, geciteerd in A. Oldag & H.M. Tillack, “Raumschiff Brüssel” (Berlijn 2003), p. 83

 

“Stelt u zich een groot vliegtuig voor. U gaat de cockpit binnen en dan blijkt er niemand aan het stuur te zitten.” – José Manuel Barroso, toenmalig premier van Portugal, beschrijft in 2002 het bestuurssysteem van de EU, in A. Oldag & H.M. Tillack, “Raumschiff Brüssel” (Berlijn 2003), p. 43

 

Over de euro: “Als het erop aankomt, moet je liegen.” – Jean-Claude Juncker, Der Spiegel Online, 9 mei 2011

 

“De euro is een betaalmiddel, maar vooral een middel om tot Europese integratie te komen.” – Helmut Kohl, oud-bondkanselier van Duitsland, geciteerd in A. Oldag & H.M. Tillack, “Raumschiff Brüssel” (Berlijn 2003), p. 17

 

“Heb ik duidelijk genoeg gezegd dat de [Europese] Gemeenschap die we hebben geschapen, geen einddoel is? (...) De soevereine staten van het verleden kunnen niet langer hun problemen van het heden oplossen: zij kunnen niet hun eigen vooruitgang bewerkstelligen of de controle houden over hun eigen toekomst. En de [Europese] Gemeenschap is zelf ook maar een stap op weg naar de georganiseerde wereld van morgen.” – Slotwoorden van de ‘Mémoires’ (1978)  van Jean Monnet, één van de vaders van de huidige Europese Unie

 

“Wij beweren uiteraard niet dat een Verenigd Europa de finale en complete oplossing is van alle problemen in de internationale betrekkingen. De schepping van een gezaghebbende almachtige wereldorde is het ultieme doel waarnaar we moeten streven. Tenzij een effectieve wereldsuperregering snel kan worden opgezet, zijn de vooruitzichten voor vrede en menselijke vooruitgang slecht. Maar laat geen misverstand bestaan over het belangrijkste punt. Zonder een Verenigd Europa is er geen zeker vooruitzicht op een wereldregering. “  – Winston Churchill, één van de grondleggers van de Europese eenwording, in een rede op 14 mei 1947 in de Royal Albert Hall, Londen

 

Reacties op het ‘nee’ tijdens de Franse en Nederlandse referenda over de Europese Grondwet

 

“Het referendum is algemeen gezien niet het summum van democratie. Ik zie niet in wat er democratisch is aan de mensen ja of neen te laten zeggen tegen zoiets. We weten dat negen op tien mensen de grondwet niet zullen gelezen hebben en zullen voortgaan op wat politici en journalisten vertellen. Daarenboven, als het antwoord neen is, dan moet er waarschijnlijk herbegonnen worden omdat het absoluut ja moet zijn.” - Jean-Luc Dehaene, ex-premier van België en vice-voorzitter van de Europese Conventie, De Gentenaar, 1 juni 2004

 

Over de overheveling van de weggestemde Europese Grondwet in het Verdrag van Lissabon, waarbij de term ‘grondwet’ angstvallig vermeden werd: “We hebben een hond, maar niemand wil het nog een hond noemen. Dus snijden we de staart eraf, naaien het beest een paar andere oren aan en trekken zijn muil verder open. En als iemand zegt dat het beest nog blaft, zeggen we dat het niet waar is.’’ – Guy Verhofstadt, Algemeen Dagblad, 25 juni 2007

 

We moeten "wel de naam, maar niet de inhoud" van de Europese Grondwet veranderen. "... de positieve kant van het laten vallen van de term grondwet is dat niemand om een referendum erover kan vragen!" - Giuliano Amato, oud-premier van Italië, oud-voorzitter van de Europese Conventie, tijdens een speech bij de London School of Economics, 21 februari 2007

 

"De geconsolideerde aanpak van het eerste deel van het grondwettelijke verdrag wordt behouden met de nodige veranderingen qua presentatie." Verder moeten we "andere terminologie te gebruiken zonder de juridische inhoud te veranderen" en om "de volledige tekst van het Handvest van Grondrechten te vervangen door een korte verwijzing daarnaar die dezelfde juridische betekenis heeft". – Angela Merkel, bondskanselier van Duitsland, in een uitgelekte brief over de strategie om de weggestemde Europese Grondwet over te hevelen in het Verdrag van Lissabon (geciteerd in plenair debat Europees Parlement, 7 juni 2007)

 

“Wij hebben geen enkel belangrijk punt van de Grondwet laten vallen. (….) Dit is zonder twijfel meer dan een gewoon verdrag. Het is een project met het karakter van een oprichting, een verdrag voor een nieuw Europa.” – José Luis Zapatero, premier van Spanje (Comité Ander Europa, ‘Wat Europa werkelijk doet’, p. 7)

 

 “Het doel van het grondwettelijk verdrag was om leesbaarder te zijn. (…) Het doel van dit verdrag [van Lissabon] is om onleesbaar te zijn. (….) De grondwet bedoelde duidelijk te zijn, dit verdrag bedoelt onduidelijk te zijn. Dat is een succes.” – Karel de Gucht, toenmalige minister van Buitenlandse Zaken van België (Comité Ander Europa, ‘Wat Europa werkelijk doet’, p. 7)

 

Socialisten, toen en nu

 

“Algemeen stemrecht. Rechtstreeksche wetgeving door het volk, dat is: bekrachtiging en initiatief door het volk op wetgevend gebied, geheime en verplichtende stemming. De kiezingen moeten 's zondags geschieden." – Artikel 1 van het partijprogramma (1886) van de Belgische Werklieden Partij, voorloper van de huidige socialistische partijen in België

 

“Een autoritaire staat kan in korte tijd dingen realiseren die onze westerse democratieën nooit zo snel voor elkaar krijgen. (...) Waarom moet zelfs een groeiland als India stilaan de rol lossen? Omdat het een parlementaire democratie is waar momenteel een opbod tussen de deelstaten woedt, en omdat politici er hopeloos verdeeld zijn. Steeds meer wetenschappelijke publicaties zetten de onmisbare voordelen van zo’n autoritaire staat in de verf.” – Willy Claes, socialist, oud-minister van Buitenlandse Zaken van België, oud-secretaris-generaal NAVO, minister van Staat, en veroordeeld wegens politieke corruptie, in Humo, 30 september 2008

 

„Ik ben altijd tegen het referendum geweest. Het referendum is een gevaarlijke procedure. [...] stel u voor dat bij een referendum in België Vlaanderen ja stemt en Wallonië neen. Dan zouden we pas met een probleem zitten.“ – Willy Claes, geciteerd in J. Verhulst en A. Nijeboer, “Directe democratie”, Brussel 2007, p. 160-161 

 

Maar er is hoop

 

“Twintig jaar lang preekte ik tegen de studenten van Princeton dat het referendum en de recall nonsens waren. (...) Sindsdien heb ik mij erin verdiept en nu wil ik mijn excuses aanbieden aan deze studenten. Ze zijn waarborgen van de democratie. Ze nemen macht uit de handen van de bazen en geeft het in de handen van de burgers. Ik wil met al mijn kracht uitspreken dat ik er voorstander van ben.” – Woodrow Wilson, toenmalig president van de Verenigde Staten, geciteerd in: K.P. Miller, Direct democracy and the courts (Cambridge University Press, 2009) p. 27