Philadelphia II

AfdrukkenOp het internet is een discussie losgebroken over het 'Direct Democracy Initiative' van Mike Gravel, ex-senator (1969-1981) voor Alaska. Het is de bedoeling van dit initiatief om enkele tientallen miljoenen handtekeningen te verzamelen onder een nieuwe soevereiniteitsverklaring door het volk, die net als de eerste soevereiniteitsverklaring (die in Philadelphia werd bekendgemaakt) zou aanvangen met de woorden: 'We the people...'.


Het is dus de bedoeling dat het volk, door direct uitspreken van de meerderheidswil, grondwetgevend werk doet. Volgens Mike Gravel moet in zo'n geval de staat zich neerleggen bij de uitspraak, vermits de staat de emanatie en uitdrukking is van de volkswil. Tegen deze opvatting is in principe niets in te brengen. Indien de bestaande staat zich democratisch noemt maar geen direct-democratisch besluitvormingskanaal voorziet, is het volk gerechtigd om zich toch direct uit te spreken, waarna de staat zich moet aanpassen aan de volkswil. Tegenstanders van Philadelphia II twijfelen echter zeer sterk aan de reactie van de Amerikaanse volksvertegenwoordiging en het Amerikaanse Hooggerechtshof, in het geval dat de massale handtekeningactie zou slagen. Een deelnemer aan de discussie merkte op, verwijzend naar de internering van Amerikaanse staatsburgers van Japanse afkomst tijdens WO II: "We mogen niet vergeten dat (het Hof) weigerde een wet af te keuren, die burgers van de USA in concentratiekampen plaatste". Het is wel degelijk denkbaar dat het Hooggerechtshof zich op cruciale momenten tegen de burgers richt.

De discussie gaat echter vooral over andere aspecten van het Philadelphia II- voorstel. We gaan hier in op één element, namelijk het alternatief dat Philadelphia II aandraagt voor het huidige systeem van handtekeningophaling, en dat heden ten dage overal wordt gehanteerd waar referenda op volksinitiatief überhaupt bestaan.

Het systeem van de handtekeningophaling is ongetwijfeld nogal omslachtig, en werkt ook bepaalde vormen van ongelijkheid in de hand. Volksinitiatieven die over veel geld beschikken kunnen bv. handtekeningen laten ophalen tegen betaling; in de westelijke staten van de USA bestaat op dit vlak een hele industrie. Maar zelfs indien men deze commerciële handtekeninginzameling tegen betaling verbiedt (wat juridisch niet zo eenvoudig ligt), blijven nog andere vormen van ongelijkheid bestaan: niet iedereen is even goed ter been, of heeft evenveel tijd of evenveel media-impact. Men moet het streven naar gelijke mogelijkheden niet tot in het absurde doordrijven, maar anderzijds is het toch wenselijk om oog te hebben voor alle voorstellen die het bestaande systeem kunnen verbeteren.

Philadelphia II komt met zo'n voorstel (website: http://www.vote.org/us ; zie sectie 4C,3). In plaats van de handtekening te verzamelen van bijvoorbeeld 5% der kiesgerechtigden (wat al gauw neerkomt op meerdere honderduizenden handtekeningen) kan men, op basis van een veel kleiner aantal handtekeningen, een representatieve poll laten uitvoeren onder de bevolking. Indien bij deze poll 50% van de mensen vindt dat over het voorstel een referendum moet plaatsvinden, gaat het referendum door.

De bezwaren tegen dit voorstel gelden alweer niet het principe, doch de drempel van 50%. Donald Davidson schrijft bijvoorbeeld (webdiscussie van 'Canadians for Direct Democracy'):

"De enige manier waarop een voorstel 50% goedkeuring kan wegdragen is, dat 50% van de bevolking het voorstel al steunt. Dat is een 'catch 22' situatie".

Deze opmerking van Davidson is niet helemaal correct. Hij schijnt ervan uit te gaan dat alleen mensen die een voorstel steunen, ook het doorgaan van een referendum over zo'n onderwerp zullen steunen. Er is echter geen reden om dit te geloven. Het is best mogelijk dat tegenstanders van een voorstel toch een stemming over dat onderwerp willen. Als alternatief stelt Davidson voor:

"De drempel van 50% is veel te hoog. De drempel moet op 5% liggen want dat is ook de drempel die in het systeem van de handtekeningverzameling moet gehaald worden". 

Ook deze opmerking is niet logisch sluitend. Een handtekeningdrempel van 5% geeft aan, dat minstens 5% van de bevolking het referendum moet aanvragen. Doch bij handtekeningverzameling wordt nooit de hele bevolking aangesproken. Indien een drempel van 5% gehaald wordt, zal dit altijd betekenen dat meer dan 5% van de bevolking een referendum wenselijk acht, omdat niet alle burgers werden aangesproken om hun handtekening te plaatsen.

Er bestaan geen algemeen-logische regels om één handtekeningdrempel boven een andere te verkiezen. Op plaatsen waar de directe democratie goed werkt, bepaalt het volk zelf langs direct-democratische weg hoe hoog de handtekeningdrempel hoort te zijn. De drempel moet zich situeren op een optimum, waarbij het enerzijds niet te moeilijk wordt om referenda over belangrijke thema's tot stand te brengen, terwijl anderzijds stemmingen over trivia toch zoveel mogelijk worden vermeden. Enkel de praktijk kan uitwijzen waar dit optimum ligt. Cruciaal is dat enkel de burgers, en niet de volksvertegenwoordiging, deze drempel kunnen vastleggen of veranderen. Men kan dus niet anders dan starten met een bepaalde drempelwaarde en het daarna aan het volksinitiatief overlaten of bedoelde drempel al dan niet moet worden veranderd.

Indien men het systeem van Philadelphia II zou willen invoeren (en daar valt wat voor te zeggen) dan zou men , bijvoorbeeld op Vlaams niveau, kunnen starten met een 20% drempel. Men zou bijvoorbeeld kunnen bepalen, dat een poll op overheidskosten plaatsvindt indien men 30.000 handtekeningen verzameld heeft. Indien dan bij de poll blijkt dat minstens 20% van de ondervraagden het gevraagde referendum zinnig vindt, dan kan het referendum doorgaan. Na een paar jaar ervaring kunnen die beginwaarden (30.000 handtekeningen en 20%) dan eventueel per referendum worden herzien.